Wat is echte verlossing?

Hallo broeders en zusters van Geestelijke Vraag & Antwoord:

Zoals bekend is bij ons gelovigen, heeft de Heer Jezus een fase in het werk van het redden van de mensheid uitgevoerd. De predikanten en ouderlingen prediken vaak dat we gered zijn zolang we de Heer Jezus met onze mond erkennen en in ons hart in Hem geloven. Net als de Bijbel zegt: “Als uw mond belijdt dat ​Jezus​ de ​Heer​ is en uw ​hart​ gelooft dat God hem uit de dood heeft opgewekt, zult u worden gered. Als uw ​hart​ gelooft, zult u ​rechtvaardig​ worden verklaard; als uw mond belijdt, zult u worden gered” (Romeinen 10:9–10). Dus zij geloven dat zolang we de naam van de Heer erkennen, aan de Heer belijden en berouw tonen, we gered zijn. En als we eenmaal gered zijn, zijn we voor eeuwig gered. Onlangs hoorde ik sommige broeders en zusters echter zeggen dat geloven in de Heer Jezus alleen betekent dat men Zijn verlossing ontvangt en zijn zonden worden vergeven, maar niet dat men echt gered wordt. De broeders en zusters in onze kerk zoeken en bespreken vaak wat echte redding is, maar we hebben geen zeker antwoord daarop. En ik begrijp het nog steeds niet. Dus ik vraag me af hoe jij het verstaat. Ik zie uit naar je antwoord!

Hoogachtend,

Kewang

 

Hallo Kewang:

Vrede zij met u! Dank de Heer! De vraag die je stelde, is heel cruciaal. We kunnen wel stellen dat het begrijpen van de waarheid van redding gerelateerd is aan het belangrijke vraagstuk of we wel of niet gered kunnen worden en het hemelse koninkrijk binnengaan. Moge de Heer onze communicatie vandaag leiden.

Waar verwijst echte redding naar?

De echte betekenis van redding in het Tijdperk van de Wet

Ten eerste, laten we kijken wat het Oude Testament zegt over redding. “Een ieder die de naam van Jehova zal aanroepen, zal worden verlost” (Joël 2:32). “Sta mij bij, dan zal ik gered zijn, altijd houd ik uw wetten voor ogen” (Psalmen 119:117). Deze verzen laten ons zien dat in het Tijdperk van de Wet gered zijn voortkomt uit het aanroepen van Jehova Gods naam en het volgen van de door God opgestelde wetten en geboden. Door verbonden te raken met het werk dat God in het Tijdperk van de Wet deed en het resultaat daarvan, kunnen we beter de echte betekenis van redding in dat tijdperk begrijpen. Zoals ons bekend is, was in den beginne toen Adam en Eva in de Hof van Eden leefden, de aarde vervuld met harmonie zonder verdorvenheid of conflict. En ze hadden een gelukkig leven onder Gods zorg en bescherming. Sinds ze echter Gods gebod overtraden en van de boom der kennis des goeds en des kwaads aten, werd de mens zondig. Nadat Adam en Eva uit de Hof van Eden verdreven waren, begon de aarde vervuld te raken met geweld. Kaïn, bijvoorbeeld, doodde zijn broer uit jaloezie, maar toch wist hij niet dat hij had gezondigd. Daarna werd de mens meer en meer verdorven en slachten ze elkaar af tot op een gegeven moment hun kwaad en immoraliteit niet meer erger konden worden. Dus God vernietigde hen met een zondvloed. Alleen Noachs familie van acht personen werd gezegend voor Jehova God en bleef in leven, aangezien Noach God had gehoorzaamd en aanbeden, waardoor de mens bleef voortbestaan en zich verder ontwikkelde. Daarna, in de tijd van Lot, omdat de mens te slecht, verdorven en losbandig van aard werd, ze afgoden en duivelse geesten vereerden, en ze gingen moorden, roven en stelen, verwoestte God de zondige steden van Sodom en Gomorra door het vuur uit de hemel, en redde alleen Lot en zijn twee dochters. Als de mensheid zo door zou gaan, zouden ze opnieuw door God worden vernietigd en tot niets wederkeren. Daarom begon God het werk van het Tijdperk van de Wet om hen te redden, en verkondigde de wetten en geboden om hun gedrag in te perken en hen sturing te geven normaal op aarde te leven. Als mensen Gods wetten zouden betrachten, zouden ze Gods zegeningen ontvangen; zo niet, zouden ze de passende straf ontvangen. Vanwege de wetten en geboden kregen de Israëlieten langzamerhand Godvrezende harten. Verder ontvingen ze Gods zorg en bescherming als ze deze wetten en geboden volgden. Op dat moment, als mensen zondigden, konden ze brandoffers brengen ter verzoening. Op deze manier konden ze ontkomen aan de dood, omdat hun zonden vergeven werden. Dit is de echte betekenis van redding in het Tijdperk van de Wet. In dat tijdperk werden Israëlieten gered vanwege het aanroepen van Jehova God en het volgen van de wetten en geboden, maar dit betekende niet dat ze voor altijd gered waren.

De echte betekenis van de redding in het Tijdperk van Genade

Aan het einde van het Tijdperk van de Wet werden mensen meer en meer diep verdorven door Satan en leefden ze in zonde, zodat ze steeds meer verzaakten de wetten in acht te nemen. Dus hoewel mensen wisten wat Jehova Gods eisen waren om offers te brengen, kwamen ze pure offers te kort, omdat ze de wetten zo ernstig overtraden en pure offers nodig hadden, en vielen ze terug op het brengen van onzuivere offers aan God om te boeten voor hun zonden, zoals blinden en lammen offeranden. Als gevolg hiervan liepen ze het gevaar gestraft en ter dood veroordeeld te worden door het schenden van de wetten. Dus volgens de noden van de verdorven mensheid is God persoonlijk vleesgeworden om Zijn werk te doen. Oftewel, onze Redder Heer Jezus kwam naar de aarde om zijn werk van verzoening te doen – om te dienen als een zondeoffer voor de mens en daarbij de zonden van de mens te vergeven, de mens te redden van onder de wet en de mens te bevrijden van de veroordeling van de wet. Alleen dan kon de mens geschikt zijn voor God te bidden, met Hem te communiceren, te genieten van de overvloedige genade en waarheid door de Heer gegeven, en niet langer door de wet ter dood veroordeeld te zijn vanwege het zondigen. Dit is de echte betekenis van redding in het Tijdperk van Genade. Dat wil zeggen, dit is de ware betekenis van deze in de Bijbel vastgelegde woorden: “Als uw mond belijdt dat ​Jezus​ de ​Heer​ is en uw ​hart​ gelooft dat God hem uit de dood heeft opgewekt, zult u worden gered” (Romeinen 10:9).

Is eenmaal gered zijn gelijk aan altijd gered zijn?

Veel christelijke broeders en zusters denken dat zolang we geloven in de Heer Jezus, we gered zijn, en dat als we eenmaal gered zijn, we voor eeuwig gered zijn, en dat wanneer de Heer terugkomt, we direct opgenomen worden in het hemelse koninkrijk en feest vieren met de Heer. Het is een feit dat zolang we belijden en berouw hebben door ons geloof in de Heer Jezus, onze zonden vergeven zullen worden. Toch had de Heer Jezus alleen de zonden van de mens vrijgesproken, in plaats van de zondige natuur en satanische gezindheid van de mens. Dus de mens heeft nog steeds haar satanische natuur en leeft in de vicieuze cirkel van zondigen en belijden, niet in staat om los te komen van de banden en controle van de zondige natuur of te ontsnappen aan het domein van de Satan. Bijvoorbeeld, we liegen vaak en bedriegen God; we leven nog steeds volgens Satans levensbeschouwingen zoals: “Ieder voor zich en God voor ons allen”; we profiteren van elkaar; we concurreren met elkaar en slachten elkaar af omwille van roem, status en persoonlijk gewin; we zijn egoïstisch, arrogant en bedrieglijk, volledig het geweten en reden van normale menselijkheid verliezend. Wanneer we natuurlijke en door mensen veroorzaakte rampen meemaken, vervolgingen, beproevingen, dan begrijpen we God verkeerd, geven Hem de schuld en verraden Hem zelfs. Hoewel we jaren in de Heer geloofd hebben, koesteren we nog steeds verlangens om gezegend te worden. Terwijl we werken en onszelf uitputten, gaan we onderhandelen met God. We werken voor hemelse kronen en zegeningen. Omdat we niet de geboden van de Heer kunnen houden, Zijn woorden in de praktijk kunnen brengen of een hart hebben dat God vreest, leven we allen in zonde en voelen ondraaglijke pijn. Zoals is vastgelegd in de Bijbel: “Immers, ik besef dat in mij, in mijn eigen natuur, het goede niet aanwezig is. Ik wíl het goede wel, maar het goede doen kan ik niet” (Romeinen 7:18). Hieraan kunnen we zien dat door te geloven in de Heer alleen onze zonden zijn vergeven, maar onze zondige natuur niet veranderd is en we nog steeds onbewust zondigen. Kunnen mensen zoals wij degenen genoemd worden die gered worden? De Heer Jezus zegt: “Waarachtig, ik verzeker u: iedereen die zondigt is een ​slaaf​ van de ​zonde. Nu blijft een ​slaaf​ niet voor eeuwig in huis, maar de Zoon blijft wel voor eeuwig” (Johannes 8:34-35). Op basis van de woorden van de Heer, daar we nog steeds voortdurend zondigen, wat betekent dat we slaven van zonde zijn. Als de wortel van onze zonden niet wordt aangepakt, zullen we geen echte redding verkrijgen.

Waar verwijst echte redding naar?

Laten we kijken naar de standaard voor de mens om het koninkrijk der hemelen binnen te gaan. Openbaringen profeteert: “Geen leugen komt over hun lippen, er valt niets op hen aan te merken” (Openbaring 14:5). Dit vertelt ons dat zij die uiteindelijk Gods koninkrijk binnengaan de eerlijke mensen zijn wiens zonden zijn afgewassen. Echter liegen en bedriegen we nog steeds, en zondigen nog vaak. Hoe kunnen we dan voor altijd gered worden, omdat we eenmaal gered zijn? Hoe kunnen we Gods koninkrijk in de toekomst binnengaan? Hoe kunnen we dan redding verkrijgen? Waar verwijst echte redding naar?

De Bijbel zegt: “Die door Gods kracht wordt beschermd omdat u gelooft … U ziet de redding tegemoet, die aan het einde van de tijd zeker geopenbaard zal worden” (1 Petrus 1:5). “Want de tijd is gekomen dat het oordeel begint bij het huis van God” (1 Petrus 4:17). De Heer Jezus profeteerde: “Ik heb jullie nog veel meer te zeggen, maar jullie kunnen het nog niet verdragen. De ​Geest​ van de waarheid zal jullie, wanneer hij komt, de weg wijzen naar de volle waarheid” (Johannes 16:12-13). Deze verzen vertellen ons dat, hoewel we door genade gered zijn, we nog steeds de redding die geopenbaard wordt in de laatste dagen, moeten accepteren. Dat wil zeggen, in de laatste dagen komt de Heer terug om alle waarheden die de mensheid nodig heeft, uit te drukken, om gereinigd en gered te worden en het oordeelswerk te doen, beginnend bij het huis van God tot het volledig oplossen van de satanische gezindheid van de mens, zodat de mens haar zonden kan afwerpen om volledige redding te bereiken en eindelijk worden gewonnen door God. Alleen dan zullen we niet langer in God geloven om met God te onderhandelen of omwille van het ontvangen van Zijn zegeningen en genade. In plaats daarvan zullen we geloven onze plicht te vervullen als schepsels om God te aanbidden en omwille van het verkrijgen van waarheid en leven. Op dat moment zullen onze zienswijzen, levensperspectieven en waarden in overeenstemming zijn met God, en zullen we transformatie verkrijgen in onze levensgezindheid, en dus degenen worden die God gehoorzamen, eren en liefhebben. Alleen dan zullen we mensen zijn die echt gered zijn. Zoals Openbaring zegt: “Gelukkig zijn zij die hun ​kleren​ wassen: zij kunnen over de levensboom beschikken en zullen de stad door de ​poorten​ binnengaan” (Openbaring 22:14). Dus alleen door het ervaren van Gods oordeel en zuivering van de laatste dagen, het afwerpen van Satans duistere invloed, het gereinigd en veranderd zijn van onze levensgezindheid, het breken met de controles en beperkingen van onze verdorven satanische gezindheid, en het worden van degenen die de waarheid beoefenen, God gehoorzamen en eren en niet langer zondigen of God weerstaan, kunnen we echt worden gered. Alleen dan kunnen we geschikt zijn om Gods koninkrijk binnen te gaan, en Gods belofte en zegeningen te verkrijgen.

Al het bovenstaande is communicatie over echte redding. Ik hoop dat het je kan helpen. Als je wat vragen hebt, schrijf ze ons en dan kunnen we communiceren en met elkaar de waarheid zoeken ter oplossing. Moge God je zegenen!

Hoogachtend,

Wang Qiao van Geestelijke Vraag & Antwoord

Lees meer:

Ik heb een nieuw begrip van “Wedergeboorte  door het doopsel”

Het mysterie van het koninkrijk van God – Waar is het koninkrijk van God?

Sommige bijbelteksten zijn ontleend aan de Nieuwe Bijbelvertaling © 2004/2007 Nederlands Bijbelgenootschap.

Neem contact met ons op

Welkom op onze website — Online Bijbelstudie. Als u problemen of verwarring heeft in uw geloof, neem dan gerust contact met ons op.